Heeft jouw overgrootvader ook de grond omgespit in Hollands Siberië? Ja, je leest het goed. De grond bewerkt rond de dwangkolonie Veenhuizen. Terwijl jouw overgrootmoeder moest spinnen. Of wassen. Of honderden kilo’s aardappelen schillen. Zwaar werk. Ver weg in Drenthe. In Hollands Siberië, oftewel Veenhuizen.
Met de boot naar Hollands Siberië
Waar vroeger bedelaars uit heel Nederland naar toe werden gestuurd. Hoe ze daar kwamen? Met de boot vanuit Amsterdam, over de Zuiderzee naar Blokzijl. Vandaar naar Assen en verder, over de Kolonievaart naar Veenhuizen. Een geschiedenis waarvan nog steeds veel te weinig mensen weten.
Dit is die Kolonievaart. Duizenden, misschien wel tienduizenden vooral westerlingen zijn er met trekschuiten naar Veenhuizen vervoerd.
Arme sloebers
De Kolonievaart ligt langs onze favoriete route op weg naar de Canicula. Als we er langs rijden zie ik in gedachten duizenden arme sloebers in trekschuiten voorbij komen. Vaders, moeders, kinderen, in hun grauwe kleren. Voor de meeste mensen enkele reis.

Gevangenisdorp
Nu is Veenhuizen een gevangenisdorp met échte gevangenissen. Ook Willem Holleeder alias De Neus zat er opgesloten, en de Drie van Breda. In het dorp staan prachtige gebouwen. Eén van de mooiste is het Tweede Gesticht, bijna 200 jaar geleden gebouwd voor bedelaars en hun gezinnen. Het Nationaal Gevangenismuseum zit er nu. Die laat als attractie speciale boevenbussen door het dorp rijden.
De kolonie is in de race voor een plek op de Werelderfgoedlijst van Unesco.
Boevenbus en boevenboot
Door de lage vaste bruggen en de dammen kun je er met de boot al lang niet meer komen. Maar wat zou het geweldig zijn als we, net als de paupers, weer van Assen naar Veenhuizen kunnen varen. Om met eigen ogen het resultaat van de noeste arbeid van onze voorouders te zien. Naast een fantastische extra attractie voor de watersporter ook een toeristische kans om Veenhuizen nog beter op de kaart te zetten. Met de boevenbus én de boevenboot.
En dan mogen wij gelukkig wel weer naar huis….

Meer weten? Lees dan het boek Het Pauperparadijs. Schrijfster Suzanna Jansen vertelt hoe haar voorouders in Veenhuizen terechtkwamen en hoe het hen daar verging. Als je het boek koopt via onderstaande link krijgen wij een kleine commissie.
En wil je weten of jij ook afstamt van een Drentse pauper? Net zoals Willeke Alberti, Alexander Pechtold en één miljoen andere Nederlanders? Je kunt het vinden in het Drents Archief.
Zo werkt de database van het Drents Archief
Volg de Canicula ook op YouTube!

Ontdek meer van Varen met de Canicula
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
In het stuk staat dat er kolonisten met de boot werden vervoerd vanuit Amsterdam, over de Zuiderzee naar Blokzijl.
Enkele van mijn voorouders kwamen als militair uit Charleroi in 1829. Dit is een tocht van meer dan 350 km over land.
Ik vraag mij af hoe er in die tijd werd gereisd door de militairen. Werden zij in paardenkarren vervoerd of hebben zij de tocht te voet afgelegd?
Tjonge, ik heb geen idee… Lopend denk ik. Sommigen per paard misschien?
Hoi,
Fijn stukje.
Een paar reacties van mij als erfgoed gids in Veenhuizen.
Veenhuizen was geen dwangkolonie maar een onvrije kolonie in het jargon van de Koloniën van Weldadigheid. Ommerschans was in dit systeem daadwerkelijk aangemerkt als dwangkolonie waar je voor straf vanuit de andere koloniën naartoe kon worden gestuurd.
De reis naar Veenhuizen was niet voor de meesten een enkele reis. Wel voor veel maar van de 8600 weeskinderen die in Veenhuizen terecht kwamen zijn er “slechts” 2270 hier overleden. Veel maar niet een meerderheid dus.
Bovendien was dit in een tijdperk dat kindersterfte in heel Nederland hoog lag en de situatie in Veenhuizen objectief al beter (minder slecht) was ten opzichte van het Aalmoezeniersweeshuis in Amsterdam.
De term “paupers” is misplaatst: Niemand in Veenhuizen is officieel zo genoemd en komt in de archieven ook nergens terug en het is niet eerlijk ten opzichte van zeker de weeskinderen die hier begraven liggen en volledig buiten hun schuld hier terecht zijn gekomen. Met de connotatie van nu is pauper dan eigenlijk helemaal ongepast.
Antwoord op de vraag hoe de militairen uit Charlois zich verplaatsen: Bijna altijd per schip wanneer het langere afstanden betreft. Goedkoper en sneller dan karren over onverharde wegen zeker tot 1900
Meer en misschien wel betere bronnen over die eerste geschiedenis van Veenhuizen tot 1859 is het boek De Kinderkolonie van Wil Schackmann die, leesbaar geschreven, zich volledig baseert op archieven met ondersteuning van de universiteit in Groningen.